Flandriens en Flandriennes

Vorige week was het voorjaarsvakantie en tevens de week voor de eerste Vlaamse koersen. Maar voor de HRTC nieuwelingen en junioren was het tijd voor een trainingsstage in de Vlaamse Ardennen, heilige grond voor elke wielerliefhebber.

De jongens en meiden verbleven in Kluisbergen, bovenop de Kluisberg. Hier hadden we een week de beschikking over een grote villa. Natasja Smit verzorgde de hongerige magen, trainers Eric en Sander en trainster Anne waren mee voor de begeleiding onderweg even als ploegleiders Kees en Arjan voor de nodige assistentie.

Nadat iedereen maandag geïnstalleerd was, werd er de eerste training gereden. Hierbij werden o.a. de Kruisberg, Donderij, Taaienberg en ook de spekgladde Koppenberg bedwongen. Hierbij werkten de natte vieze wegen niet mee, er werd dan ook om de haverklap lek gereden. Net voor het duister waren de jongens en meiden dan ook binnen. Na een heerlijke maaltijd van Natasja en het kuisen van de fietsen was het tijd om te ontspannen en een docu over de wedstrijd Parijs- Roubaix te kijken. Dit was namelijk de route voor de volgende dag, een gedeelte van de “hel” rijden en een kijkje nemen op de wielerbaan van Roubaix.

De dinsdag vatte nat aan, en in een vieze miezer werd er koers gezet richting Bourghelles a Wannehain. Een gehucht in Noord Frankrijk waar we de eerste kasseienstrook zouden oprijden. Na ongeveer anderhalf uur fietsen was het dan tijd voor de eerste strook. Het was inmiddels gelukkig droog geworden, maar de kasseien lagen wel nat. Desondanks vlogen de jongens eroverheen, de verbaasde trainer voorbij. Zelfs de scherprechter van Parijs – Roubaix, het Carrefour de L’Arbre een zware 5 sterren strook werd redelijk soepel genomen. De enige lekke band van de dag, viel te noteren op de laatste strook in Hem. Bij het binnenrijden van Roubaix, konden we gelukkig via de poort de legendarische wielerbaan op! Na een paar rondjes op de baan nog even tijd voor een mooie groepsfoto, en daarna voor de wind het gas erop en terug naar Kluisbergen.

Woensdag was het dan tijd voor een welverdiende rustdag. Na ’s ochtends lekker uitgereden te hebben met aansluitend nog een techniek training, gingen we ’s middags naar het centrum van de ronde van Vlaanderen. Hier kregen we een lunch en een rondleiding door het museum. Dit was erg leerzaam, de jongeren weten nu op wat voor materiaal de renners vroeger en tegenwoordig rijden. Wat Tom Boonen eet tijdens de ronde, hoeveel vermogen Cancellara trapt en hoe je het beste over de kasseien rijdt.

Donderdag was dan de dag met de zwaarste rit van het trainingskamp. We zouden vandaag een stuk van het parcours van de Ronde en van de omloop het Nieuwsblad rijden. Op zich al een pittige klus, maar vandaag helemaal doordat de omstandigheden (regen en veel wind!) het helemaal tot een beproeving maakten. Alle jongens en meiden zaten wel vol motivatie en er werd dan ook niet gemopperd, sterker nog de benen spraken tijdens de eerste keer over de Haaghoek, de zware kasseien helling bij Oudenaarde. Vooraf werd gesproken of we misschien ook wel de prof ploegen zouden zien, die hier aan het verkennen waren. En inderdaad, de winnaar van Parijs – Roubaix van 2016, Matthew Hayman kwam zelfs even een koekje halen bij Kees aan de wagen.

Na het bedwingen van de Muur van Geraardsbergen kwam dan eindelijk de zon door, en werd het droog. Echter de wind trok nog wat aan en het werd lastig rijden door de rukwinden. Na alle kasseien, hellingen, regen en wind kwamen we na 115 kilometer weer aan in Kluisbergen. Erg moe maar wel heel enthousiast. Een renster haalde door een mechanisch defect niet het einde, maar werd wel op een bijzondere wijze teruggebracht. De renners bus van de Katoesja ploeg stopte naast haar en de Spaanse chauffeur vroeg waar ze naar toe moest. Roos bedacht zich geen moment, en nadat alle meiden een rondleiding in de bus en depot van de ploeg hadden gekregen werd ze keurig voor de Villa afgezet. Na weer een voedzame maaltijd van onze superkok was het snel stil in de kamers van de jongeren.

 

Vrijdag was dan alweer de laatste dag. Om het compleet te maken werd er nog een korte rit gereden over de Kwaremont, Paterberg en de Koppenberg om daarna moe maar voldaan huiswaarts te keren.